Winstgevendheid
Jan is schilder bij Van Kleur Schilderwerken. Hij heeft al heel wat dienstjaren achter de rug en kent zo langzamerhand wel het klappen van de zweep, zegt hij. Jan loopt in de ziektewet. Hij heeft een ongevalletje gehad, maar is weer aan de beterende hand. Na 6 weken zou dat eigenlijk ook wel mogen. Er was een tekort aan klimmaterieel bij zijn werkgever en toen werd toch maar teruggevallen op wat oud materieel, dat nog aanwezig was, maar geen veiligheidssticker meer had. Daar ging het fout. Niet al te ernstig, maar toch met grote gevolgen.
Zijn vriend Bert werkt ook als schilder bij Van der Kwast Schilders. In dezelfde week dat Jan zijn ongeluk kreeg, had Bert een idee om het project waaraan hij werkte, anders te organiseren. Zowel de klant als zijn werkgever vond het een goed plan. De uitkomst van zijn idee was dat hij en zijn collega 5 dagen eerder met hun werk klaar waren dan de 160 mandagen, die waren gepland. Toch ruim 6% meer winst. Of 6% minder verlies, zo u wilt.
De basis voor de winstgevendheid van een bedrijf wordt toch echt voor het allergrootste deel bepaald door de sterkte van de interne organisatie. In mijn voorgaande bijdragen heb ik daar talloze voorbeelden van gegeven. Zowel in positieve als in negatieve zin. De aangehaalde voorvallen wijzen ook in die richting.
Het verschil
Laten we beide voorvallen eens nader beschouwen. Buiten het feit dat Jan de afgelopen weken geen bijdrage had kunnen leveren aan projectwinsten van Van Kleur, bedroegen de extra loonkosten al gauw zo´n € 7.000,=. Loonkosten waar tegenover geen opbrengsten stonden. Je moet al heel wat productie maken om dat verlies goed te maken. Ik ken de relatie tussen Jan en zijn directe leidinggevende niet goed, maar de uitlatingen van Jan geven aan dat die relatie minstens enige verbetering kan bedragen.
Bert zijn verhaal is toch wat anders. Vijf dagen winst met 2 mensen betekent al gauw een winst van € 3.000,-. Bovendien was de klant verheugd dat hij eerder over zijn goed onderhouden pand kon beschikken. Ook voor hem was dat winst. De projectleider van Bert spoort hem aan met de klant mee te denken; zijn eigen werk zo efficiënt te plannen; te zorgen voor zijn eigen veiligheid maar zijn werk ook zo uit te voeren dat de opdrachtgever daarover alleen maar tevreden kan zijn. Na afloop van het werk gaat Bert naar zijn projectleider en samen speuren ze naar zaken die in het project beter hadden kunnen verlopen. Bij alle werken, ook die goed verlopen. Beiden zijn niet te beroerd om foutjes te benoemen. Het gaat over de vraag wat er de volgende keer beter gedaan kan worden. En dat allemaal onder het genot van een kopje koffie.
Kosten
In mijn bezoek aan Jan liet hij zich ontvallen dat zijn werkgever had geklaagd over de hoge kosten van materieel. Dat was echter niet het probleem van Jan. Hij zat immers thuis en verveelde zich. Zijn collega´s moesten een tandje bijzetten om toch zoveel als mogelijk van het werk te realiseren. Door de extra druk werden er ook wat meer fouten gemaakt en dat bevorderde de werksfeer niet.
Hullie en Zullie, oftewel wij en zij, binnen één organisatie betekent in voetbaltermen dat een ploeg tegen zich zelf aan het spelen is. Het gevolg: alweer een verloren wedstrijd. Het is aan de leiding om voorwaarden te scheppen om alle neuzen dezelfde kant uit te laten staan. Alleen een taak van de leiding? Absoluut niet. Ook een uitvoerende schilder heeft baat bij een goed lopende organisatie. Het geeft hem meer voldoening en werkplezier.
Voor meer informatie: k.kamsma@gildemanagementsupport.nl